De psychiatrie en ik! (deel 2)

Life, Mind
Over mijn leven in de psychiatrie (deel 2)

 

Dit is deel 2 van mijn verhaal over mijn leven in de psychiatrie. Deel 1 vind je via deze link.

 

Thuis in mijn eigen woning ging het helemaal niet meer. Ik was ondertussen al een aantal keren kortstondig opgenomen geweest. Want ik had een time-out regeling gekregen. Dan kon ik voor een weekje even opgenomen worden. Dit loste natuurlijk niets op. Ik was zwaar depressief.

 

wonen in een woonvorm

Toen bedacht ik dat het misschien goed was om in een beschermde woonvorm voor psychiatrische patiënten te gaan wonen. Misschien zou ik dan met mensen leren omgaan, minder depressief worden en minder dwangmatig. Misschien zou ik wel ‘beter’ worden.

 

Dit ‘beter’ worden is altijd mijn streven geweest. Ik wilde een ‘normaal’ mens worden. Ik wilde zeker niet anders dan anderen zijn. Ik heb mij mijn hele leven al anders dan anderen gevoeld.
Ik wist alleen niet waardoor dit kwam. Nu weet ik dat dit door mijn autisme komt. En ik weet ook dat het niet over gaat, en dat ik er dus niet naar hoef te streven om ‘beter’ en ‘normaal’ te worden. Vroeger dacht ik dat ik misschien niet goed genoeg mijn best deed. Want het werd maar niet anders. Nu probeer ik zo goed mogelijk met mijn ‘beperking’ om te gaan en te accepteren dat het er is, waardoor ik mij in ieder geval al een stuk beter voel.

 

Ik ging dus in een beschermde woonvorm wonen en belande in een huis met drie andere mensen. Overdag en ‘s avonds was er begeleiding aanwezig. Helaas bleef ik depressief en werd nog steeds af en toe kortstondig opgenomen. Wel werd ik minder eenzaam omdat ik automatisch mensen om mij heen had. Ik leerde een jongen kennen die bij mij in huis woonde en die tot op de dag van vandaag mijn beste vriend is. Ook leerde ik een jongen kennen waar ik, na een aantal jaren in de woonvorm gewoond te hebben, een relatie mee kreeg.

 

Ik had altijd gedacht nooit een relatie te krijgen. Ik dacht dat ik daar niet geschikt voor was omdat ik gewoon weinig met mensen had. En ook omdat ik sociaal gezien niets voorstelde. Maar deze relatie ontwikkelde zich bijna vanzelf. Ik moet zeggen dat hij er meer moeite voor heeft gedaan dan ik. Ik wist in het begin totaal niet wat ik er mee aan moest en was volledig van slag.

 

In totaal heb ik vier jaar in de woonvorm gewoond. Na een jaar een relatie te hebben gehad ging ik samenwonen. Mijn klachten waren niet over maar ik was wel wat sterker geworden.
Mijn vriend en ik dachten dat we het samen wel aankonden. Mijn diagnose was inmiddels weer veranderd naar persoonlijkheidsstoornis NAO, want ze zagen ook wel in dat ik geen borderliner was.

 

De diagnose persoonlijkheidsstoornis NAO vond ik zelf óók niet echt passend. Natuurlijk had ik wel vele symptomen maar ik wist gewoon dat het wat anders moest zijn.
Toch liet ik het er bij.

 

Autisme spectrum stoornis

Inmiddels woon ik 15 jaar met mijn partner samen en 7 jaar geleden zijn we getrouwd. Op een gegeven moment kreeg mijn man de diagnose autisme spectrum stoornis. Ik heb daar toen het één en ander over gelezen en herkende mijzelf hier erg in. Ook leken mijn man en ik in onze beperkingen erg op elkaar. Bovendien heb ik een broer die ook een autisme spectrum stoornis heeft en waar ik mijzelf erg in herken.

 

Ik was uit behandeling toen ik uiteindelijk een brief heb geschreven aan mijn vroegere psycholoog. Ik schreef over hoe ik vond dat mijn diagnose niet kloppend was en dat ik dat altijd al had gevonden. En dat ik nu het idee had dat ik wist wat het wél moest zijn.
Het werd een hele lange brief. Gelukkig vond zij ook dat er daarmee wat moest gebeuren en heeft ze de brief doorgestuurd naar het hoofd diagnostiek.

 

Het hoofd diagnostiek heeft mijn brief gelezen en mij uitgenodigd voor nader onderzoek. Na dit onderzoek kreeg ik de diagnose autisme spectrum stoornis. Ik heb het syndroom van Asperger en mijn man heeft dit ook.

 

Ik ben eigenlijk heel blij met de diagnose. Natuurlijk was ik liever ‘normaal’ geweest. Maar met deze diagnose kan ik leven, omdat ik de diagnose eindelijk vind kloppen. Ik kan mijzelf en mijn beperkingen erin herkennen. En het voelt eindelijk juist.

 

Het hoofd diagnostiek zei ook nog dat ze zich bijna schaamde dat dit niet jaren geleden was ontdekt. Omdat het best wel heel erg duidelijk was dat ik Asperger heb. Het komt denk ik omdat mijn vroegere behandelaars zich altijd op vermeend trauma hebben gericht.

En ik heb zelf ook een hele tijd gedacht dat mijn klachten daar wel door moesten komen omdat iedereen daar zo’n belang aan hechtte. Nu weet ik dat daardoor mijn werkelijke aandoening is ondergesneeuwd.

 

Hoe het nu is…

Tegenwoordig heb ik óók nog de juiste medicatie, waardoor ik niet meer depressief ben.

Ik denk dat ik in al die jaren minstens 15 keer van medicatie ben gewisseld. Uiteindelijk zijn we op een middel gestuit wat helpt voor mijn depressie. Dit was overigens al vóór dat de diagnose Asperger werd gesteld. Ik ben echt heel erg blij dat ik niet meer depressief ben. Ook al blijf ik gevoelig voor depressie en ligt het altijd op de loer.

Dwangmatig ben ik nog steeds, en dat zal ik waarschijnlijk ook wel blijven. Af en toe vind ik het super irritant en word ik boos op mijzelf. Het zit mij in de weg maar ik kan er tegenwoordig redelijk mee omgaan en het accepteren.

 

Ik ben bijna weer uit behandeling en moet verder leren leven met mijn autisme en de beperkingen die dat met zich mee brengt. Natuurlijk leef ik mijn hele leven al met deze beperkingen, ze hebben alleen nu een passende naam gekregen en ik weet nu waardoor het komt.

 

Op dit moment zit ik in een re-integratie traject met de bedoeling uiteindelijk betaald werk te vinden. Ik werk momenteel al jaren voor een dagbestedingsinstantie als grafisch vormgever.
Ik wil heel graag verder als grafisch vormgever en mensen vertellen mij ook dat ik daar de capaciteiten voor heb. Maar het UWV wil nog niet erg meewerken. Ik heb een opleiding aangevraagd en zit inmiddels al maanden te wachten op een definitief antwoord van het UWV.

 

Zelf kan ik de opleiding niet betalen dus als het UWV niet wil vergoeden zal ik mij moeten gaan richten op iets anders. Ik zou alleen niet weten wat!

 

 

Ik begon dit verhaal met de quote: It is never too late to be who you might have been.

 

Ik denk dat we allemaal anders hadden kunnen zijn. Iemand die je had kúnnen worden. Als je andere keuzes maakt in je leven of als bepaalde omstandigheden anders waren dan hadden we anders kunnen zijn of worden.

 

Mijn leven is op deze manier gelopen en het heeft me gevormd tot wie ik nu ben. Ik hoop dat ik blijf groeien en dat ik over een jaar weer anders ben en wéér anders in het leven sta.
Af en toe vraag ik mij af wat er gebeurd zou zijn als de diagnose veel eerder was gesteld. Maar ik weet ook dat dat geen zin heeft. Het is zo gelopen en ik moet het er mee doen.

 

Het is nooit te laat om te worden wie je had kunnen zijn, wie dat dan ook is! Vinden jullie ook niet?

 

Previous Story
Next Story

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply